Notice: get_userdatabylogin is verouderd sinds versie 3.3.0. Gebruik in plaats daarvan get_user_by('login'). in /home/u5043p3204/domains/equinity.nl/public_html/wp-includes/functions.php on line 3853

Notice: Trying to get property of non-object in /home/u5043p3204/domains/equinity.nl/public_html/wp-content/themes/yootheme/vendor/yootheme/theme/platforms/wordpress/src/Wordpress/Breadcrumbs.php on line 38

Auteur: Freek Janssen

Leiderschap bij paarden: de kracht van de kudde

Voor het bedrijfsleven bestaan veel theorieën, modellen en methodieken op het gebied van leiderschap, organisatie- en teamvorming en samenwerking. Het type organisatie, volwassenheid en cultuur van een organisatie bepalen welk model het beste past. Dit model wordt in de loop van de tijd verdiept en beter verankert, waarbij soms (gedwongen door omstandigheden) ween veranderingsproces in gang wordt gezet dat toewerkt naar een ander model.

Instinctief hanteren natuurlijke paardenkuddes ook een model. In dat model zitten verschillende rollen verankerd die, zolang de samenstelling van de groep dat toelaat, door de paarden strikt nageleefd worden.

Voor een paard, maar ook voor de kudde als eenheid, is daar ook een belangrijke reden voor: paarden zijn prooidieren en hun leven staat volledig in dienst van (over)leven en veiligheid.

Die veiligheid wordt gezocht in optimale samenwerking: duidelijke en ondubbelzinnige onderlinge patronen en afspraken over eten, slapen, voedselverdeling en het houden van de wacht om eventueel onraad door roofdieren zo vroeg mogelijk te herkennen.

Deze hele samenwerking is systemisch bepaald.

Een kudde is een overlevingsstrategie: het collectieve geweten. Een paard dat in de natuur buiten de kudde komt zal verliezen wanneer een roofdier het paard in vizier heeft. En alhoewel in de Westerse wereld de paarden niet meer echt in kuddes leven, is de systemische basisbehoefte aan kuddevorming niet verdwenen. Wanneer een paard geïsoleerd wordt levert dat stress op bij het paard, maar ook als een groep paarden niet in balans is (niet ‘klopt’) zal dat leiden tot onrust wat de disbalans kan vergroten. Dit kan resulteren in stress, ongewenst gedrag en paarden die uit de groep vallen.

Herken je dit in de organisatie waarvoor je zelf werkt?

De rollen in een kudde

In een kudde paarden heerst een duidelijke en overzichtelijke rangorde en is een cruciale overlevingsstrategie. Vechten om je plaats in de groep is een continuproces, de paarden weten precies wie de baas is en respecteren dat ook. Sterker nog: het niet hebben van een baas is een van de grootste bedreigingen voor een kudde.

Ongeacht de grootte van een groep zijn er duidelijke rollen in een kudde. En alhoewel er voor een groep gedomesticeerde paarden eigenlijk geen natuurlijke bedreigingen meer zijn, blijven de rollen gehandhaafd.

De alfa-merrie is meestal een oudere merrie die haar rol in de kudde heeft verdiend door haar ervaring. Zij stuurt de kudde en instinctief weet ze waar ze de kudde naar voedsel en water naar toe moet bewegen en hoe lang ze op een bepaalde plaats blijven, ze loopt vooraan in de kudde. De andere paarden volgen. De alfa-merrie heeft haar status verdiend door vertrouwen en respect af te dwingen, dus niet door haar plaats in te nemen door vechten of intimidatie.

De leidende hengst is het paard dat de kudde bij elkaar houdt en beschermt. Het is de sterkste en meest intimiderende hengst van de groep en moet zich naar deze positie toevechten. Hierdoor laat hij zien dat hij deze plaats verdient waardoor de kudde zich bij hem veilig voelt. Hij loopt achteraan in de kudde zodat hij overzicht houdt en de achterste dieren op te drijven. De leidende hengst dekt, dienstbaar naar de kudde, de merries om de kudde in stand te houden.

Binnen de groep van overgebleven merries is een duidelijke sterke onderlinge rangorde. Deze rangorde bepaalt in welke volgorde er wordt gegeten en gedronken. Iedere merrie kent zijn plaats en respecteert deze, maar de dynamiek van de rangorde wordt continu uitgedaagd: de merries blijven proberen hoger in rangorde te komen zodat ze sneller kunnen eten en drinken.

Jonge paarden blijven tot ongeveer hun derde levensjaar onderdeel van de kudde en verlaten over het algemeen dan de kudde. Hierbij is er wel een duidelijk verschil tussen de hengsten en de merries:

  • Hengsten worden door de leidende hengst verdreven zodra ze een bedreiging voor zijn positie beginnen te vormen door te proberen zijn positie over te nemen. De hengsten die onderdanig blijven mogen blijven, maar zal geen merries dekken en vertoont geen typisch hengstengedrag. Verstoten jonge hengsten zoeken aansluiting bij een andere kudde met jonge hengsten. In dergelijke kuddes zijn dus meer hengsten waarin ze vecht- en veroveringstechnieken leren en sterker worden, waarna ze uiteindelijk een eigen kudde veroveren of opbouwen.
  • Merries blijven in principe onderdeel van de kudde, tenzij ze door een andere hengst worden veroverd. Dit kan enerzijds een leidende hengst zijn van een andere kudde, maar ook een jongere hengst die een eigen kudde samenstelt.

Vanuit systemisch perspectief heeft alles zijn plaats, dus ook de zwakke of oude paarden van de kudde. Ze blijven opgenomen in de kudde en worden beschermd, maar zodra het paard te zwak is en daarmee zelfs de kudde in gevaar brengt of vertraagt wordt het paard verstoten. Feitelijk is het daarmee ook ten dode opgeschreven: het paard wordt niet meer opgenomen in andere kuddes en heeft geen enkele groepsbescherming meer voor roofdieren. Voor een roofdier met honger is een zwak paard een eenvoudige prooi en zal eerder dat paard kiezen dan een paard dat onderdeel is van een kudde.

Groepsordening

Een ordening die wordt bepaald wordt snel geaccepteerd, ze kennen immers geen wraak of ambitie: een paard dat laag in de rangorde zit is daar kennelijk voor bedoeld en heeft zijn plaats in de kudde.

Er zijn een aantal factoren die meespelen bij het bepalen van de rangorde:

  • Het geslacht
  • Ervaring
  • Leeftijd
  • Gezondheid
  • Karakter

De ordening in een kudde is eigenlijk een complex van ordeningen die zijn bepaald tussen twee paarden. Dus paard X is hoger in rangorde dan paard Y, welke weer hoger in rangorde is dan paard Z. Datzelfde paard Z kan dan weer een hogere positie hebben dan paard X. In dit complex van ordening is er altijd 1 paard dat helemaal bovenaan en 1 paard dat helemaal onderaan de ordening zit.

Onderlinge communicatie

Omdat paarden prooidieren zijn is het noodzakelijk dat ze met elkaar communiceren met zo min mogelijk geluid: dat zou immers roofdieren kunnen aantrekken. Ze hebben zich dus aangeleerd om met elkaar te communiceren door hele subtiele, kleine, signalen. Hierdoor zijn ze in staat om binnen de kudde bijna continu met elkaar te communiceren met nauwelijks voor ons waarneembare signalen.

Ik lach me rot!

Emoties of gevoelens als angst, verdriet of onzekerheid kunnen je behoorlijk dwars zitten en ze hebben invloed op je gedrag en handelen. Deze emoties zitten soms verstopt in een diepere emotionele onderstroom. Soms ben je je dus bewust van deze emoties, maar vaak ook niet.

Wanneer je, al dan niet bewust, een emotie in deze onderstroom probeert te verhullen of te verdrukken met een andere emotie ontstaat er emotionele incongruentie: wat je zegt komt niet meer overeen met wat je denkt of voelt. Denk bijvoorbeeld aan lacherig doen of de clown uithangen als je eigenlijk van binnen gespannen of onzeker bent.

Maar deze diepere gevoelens of emoties blijven, ondanks de verhulling, nog steeds van invloed op je gedrag en handelen, dus het kan goed zijn dat je omgeving deze diepere emoties en je emotionele incongruentie aanvoelt. Dit geeft een gevoel van onveiligheid bij de ander wat het gedrag en handelen van de ander jegens jou dus ook weer beïnvloedt.

Maar waarom doen we ons anders voor dan hoe we ons voelen?

Bij emotionele incongruentie proberen we dus dieperliggende gevoelens of emoties te verhullen of willen we ze gewoon niet voelen, niet ervaren: ze mogen er van jou dus niet zijn.

Door deze incongruentie ben je dus eigenlijk ook niet authentiek en kun je niet verbinden met jezelf en kun je jezelf verliezen. Het kan er dus voor zorgen dat je niet lekker in je vel zit (en eigenlijk is dat letterlijk ook zo). Incongruente gevoelens kunnen behoorlijke energie-lekken zijn die je dus onbewust eigenlijk zelf in stand houdt.

Wat kun je hieraan doen?

Door authentieker te worden in je gedrag en handelen kun je congruenter worden, wat je kan helpen met het dichten van dergelijke energie-lekken. Maar je bent voor je omgeving dan ook eenvoudiger te begrijpen en mensen zich prettiger voelen bij jou.

De eerste stap is dat je je bewust wordt van je incongruentie.

Paarden reageren anders bij incongruentie dan bij congruentie.

Wanneer je congruent bent zal de reactie van het paard gericht zijn op jouw gemoedstoestand en proberen te bieden wat er op dat moment nodig lijkt te zijn. Denk daarbij aan steun bieden, veiligheid, afstand of juist energie. Bij incongruentie zal deze reactie heviger zijn en zal het paard anders reageren.

De reactie van het paard kan je helpen om inzicht te krijgen in jouw (in)congruentie en authenticiteit.

Wanneer je je bewust wordt van je emotionele incongruentie en je weer met jezelf weet te verbinden zal het paard zich ook aan jou verbinden, zodat er meer ruimte ontstaat voor jouw innerlijke emoties.

Eureka!

Eureka of Heureka is het Griekse woord voor: ik heb het gevonden.

Of als kreet:

ik héb het!

.

Herken je dit?

Je staat voor een belangrijke keuze, maar je merkt bij jezelf dat je blijft twijfelen en niet overtuigend kunt beslissen waar je voor wil kiezen. Steeds als je voor jezelf denkt dat duidelijk is welke keuze je moet maken, komt je ratio weer met tegenwerpingen. Of is er iets in je onderbewustzijn dat je tóch weer aan het twijfelen brengt.

Dat is niet alleen erg vermoeiend, het werkt ook verlammend en blokkerend in het nemen van een definitief besluit en kan er toe leiden dat je, gedreven door de tegenwerpingen, een (achteraf gezien) onjuiste beslissing neemt.

Frustrerend? Of heeft het een functie?

Eigenlijk zijn er bij het nemen van belangrijke beslissingen twee elementen die meewerken in het proces van besluiten nemen: je emotie en je ratio.

Je emotie

Beslissen op basis van emotie gebeurt vaak in situaties die je al vaker hebt meegemaakt. Er is dan vergelijkingsmateriaal voorhanden waar je onderbewustzijn wat mee kan. In datzelfde onderbewustzijn ontstaat dan een razendsnel proces van vergelijken en afwegen, waarbij een grote hoeveelheid aan factoren en aspecten meegenomen kunnen worden in een snelle besluitvorming.

Dus eigenlijk maakt je onderbewustzijn beslissingen voor je, gebaseerd op jouw ervaringen uit je verleden. Maar ervaringen uit het verleden bieden nog geen garantie voor de toekomst.

And that’s why the brain kicks in…

Je ratio

Want stel dat toch niet alle factoren bekend zijn in je onderbewuste? Dan zal je ratio in actie komen en mee aan de slag gaan om deze factoren te overwegen, eventuele nieuwe situaties in te schatten en op basis van harde, rationele, feiten inzichtelijk maken wat er het beste kan gebeuren.

Er wordt een afweging gemaakt tussen de mogelijkheden die er zijn en je ratio zal kezen wat voor jou op dat moment de gunstigste keuze lijkt, gebaseerd op de informatie die dan voorhanden is.

Kortom: beslissen is een complex proces waarbij zowel je ratio als je onderbewustzijn een belangrijke rol spelen en elkaar aanvullen.

Visualiseer Het Geheel

Dit complexe proces kan erg vermoeiend zijn. Onderbewustzijn en ratio gaan als een dolle tekeer en De Eureka blijft juist daardoor achterwege. En telkens als je denkt dat je een beslissing hebt genomen borrelt er weer een onderbewust Ja Maar op…

Door alle factoren te visualiseren met metaforen kun je rationeel inzicht te krijgen in alle bewuste en onderbewuste dingen die meespelen in jouw proces van besluitvorming. Hierdoor krijg je een totaalbeeld en kunnen onderbewuste factoren meegenomen worden in je ‘rationele wijsheid’ en dan een besluit nemen.

Metaforisch beslissen

Stel dat je gevraagd wordt om alle jou bekende beslissingsfactoren, zowel de rationele als de onderbewuste, te labellen aan taartpunten die je zelf neerlegt? Hoe groter de taartpunt, hoe belangrijker deze factor voor je is. Hoe ziet de gehele taart er dan uit? Wat gebeurt er met je als je in zo’n taartpunt gaat staan? Is de taart compleet?

Wat voel je? Wat neem je waar?

En klopt dat gevoel?

Welke bevestiging krijg ik daarover van het paard? En zijn er misschien dingen die te maken hebben met die factoren waar nog Verandering nodig is? Hoe gaat het er dan uitzien als die Gewenste Veranderingen gekoppeld worden aan pionnen in de betreffende taartpunten?

Het resultaat is dan een visualisatie van jouw denkproces waarin je kunt ervaren, voelen, wat er is en zelf kunt ontdekken en leren. Het paard geeft je daarbij continu feedback over jouw intuïtie en onderbewustzijn.

En hoe zit het met jouw Eureka?

Controlefreak

Herken je jezelf in dit woord? Wat roept dat woord bij je op?

Laten we om te beginnen eens kijken naar de letterlijke betekenis van dit woord:

de controlefreak
zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:
[kɔn’trɔ:ləfri:k]
Verbuigingen:controlefreak|s (meerv.)

Iemand die voortdurend bekijkt of alles is zoals het moet zijn

Hierbij vallen een aantal dingen op:

“Voortdurend”
Inderdaad, voortdurend. Lang niet altijd bewust, vaak ook onbewust. Een Controlefreak heeft het dus druk en heeft veel verantwoordelijkheden. Je staat er mee op, en je gaat er weer mee naar bed.

“Alles”
Als Controlefreak heb je vaak de neiging om, bijna letterlijk, overal controle op te willen uitoefenen. Over de situatie, over de ander, over jezelf. Maar eigenlijk gaat het alleen maar over jezelf. Want controle over anderen doe je vanuit wat jij vindt dat goed of wenselijk is, dus dat zegt eigenlijk meer iets over jou dan over die ander. Dus als je controle wil houden over een bepaalde situatie, wil je eigenlijk alleen maar controle hebben over jou. Je legt jezelf immers wat op via deze controle en als het niet gaat zoals je dat, in je ratio, voor ogen had dan voelt dat als falen. Je wil dus iets in stand houden wat je eigenlijk helemaal niet in stand kunt houden. Mensen of situaties kun je nou eenmaal lang niet altijd sturen en alles verandert… Continu.

“Zoals het moet zijn”
Maar hoe is dat dan en volgens wie is dat zo? En wie bepaalt dat? Als je zegt: zoals het moet zijn, dan bedoel je eigenlijk: zoals ik vind dat het moet zijn. Juist… controle dus, vanuit jouw invulling van de werkelijkheid. Maar is hoe jij vindt dat het moet zijn ook afgestemd met de ander en is die het ermee eens? En hoe hoog ligt de lat daarbij?

De Controlefreak in jou is dus op zoek naar zekerheid. Wat is de basis van die zoektocht? Vaak is dat onzekerheid, angst. Maar waarvoor? Angst voor wat er gaat gebeuren? Of angst om te falen? Helpt de Controlefreak in jou je ook echt verder? Helpt hij om je angst te verminderen?

Of gebeurt er wat anders?

De kans bestaat dat je in een vicieuze cirkel zit:

  • de Controlefreak in jou heeft, met al zijn goede bedoelingen, iets opgelegd aan jou, de situatie of de ander: zo moet het want zo is het goed;
  • vaak loopt het zoals het is opgelegd door de Controlefreak, wat bevestigt dat je goed bezig bent. Succes gegarandeerd, dat gaan we de volgende keer weer zo doen
  • maar als het anders loopt dan de Controlefreak heeft opgelegd dan heb je gefaald. De volgende keer zal de Controlefreak in jou dus nog strakker de touwtjes aantrekken, de lat komt nog hoger te liggen

Dit kan lang goed gaan, maar levert ook een belangrijke bijdrage aan een potentiële burnout. De verwachtingen worden immers steeds hoger en het wordt dus steeds moeilijker om daar aan te voldoen, waardoor je brein het steeds drukker krijgt.

Het beteugelen van de Controlefreak en meer ruimte krijgen voor ‘vrij handelen’ heeft dus veel te maken met loslaten. Van de zekerheid dat dingen gaan zoals jij dat wil, van de angst dat dingen fout gaan als jij daar geen controle op uitoefent.

Hoe verlossend zou het zijn als wispelturigheid af en toe bij jou eens een beetje meer ruimte krijgt?

Met andere woorden: breng de Controlefreak en de Wispelturige weer een beetje meer in balans.

Maar hoe dan?

Door inzicht te krijgen in de onderliggende oorzaken van deze disbalans. En vanuit dat inzicht te onderzoeken wat er, voor jou, wel werkt. Vanuit vertrouwen, rust en je gevoel.

En krijg daarmee echte controle over jezelf.

Stel je grenzen en bewaak ze.

Makkelijk gezegd, maar niet altijd even makkelijk gedaan. Waar komt dat toch door? Waarom is “nee!” zeggen vaak zo moeilijk en geef je toch toe? En wat zegt dat verder over jou?

Is het angst om afgewezen te worden? Gebrek aan eigenwaarde? Ben je een pleaser? Wil je altijd aardig gevonden worden door iedereen? En hoe belangrijk is dat voor je?

Onbewust is het niet vast kunnen houden aan je persoonlijke grenzen vaak een oorzaak voor stress en een belangrijke oorzaak bij een burnout. Want, naast het feit dat je dus wel erg veel moet, bevestig je onbewust je gevoel voor onderwaardering en vergroot je je negatieve zelfbeeld. Hierdoor dreigt een neerwaartse spiraal die kan eindigen in een burnout.

Grenzen stellen is dus een belangrijk thema in het coachingstraject voor het herstel van een burnout.

Je moet dus op zoek naar een uitweg, weg uit die spiraal. Maar hoe? Door eigenwaarde. Trots. Door stap voor stap een grens te bepalen en daar aan vast te houden. Dit kan door te ervaren hoe het is om wel vast te houden aan een vooraf gestelde grens, hoe klein die grens ook is.

IMG_0090Stel: je wordt gevraagd om een paard ergens in de ruimte neer te zetten en vervolgens de opdracht om het paard met alleen je lichaamstaal op die plaats te houden. Zonder touw, zonder hulpmiddelen. Het paard begrenzen dus. Niet over jouw grenzen laten komen.

Zou je dat lukken? Hoe zou dat voor je voelen?

En wat voel je als je dat niet lukt? Wat zegt dat gevoel over jou? En wat doet de reactie van het paard met je?

Experimenteren en ervaren dus.

Wat kun je meenemen uit die ervaring naar je dagelijkse leven en wat heb je nodig om het daar ook toe te kunnen passen? Ben je in staat om de pleaser in jou de baas te zijn? Door in je dagelijkse leven deze ervaring mee te nemen en kleine grenzen te stellen waar je aan vasthoudt kun je ook daar experimenteren en kun je die spiraal doorbreken.

Ongeacht de reactie van anderen op jouw ‘nieuwe’ gedrag. Ze kunnen immers niet meer bij jou terecht, terwijl dat voorheen wel kon. Dat kan leiden tot verbazing, onbegrip en weerstand. Maar zeg nou zelf: die reacties bevestigen toch alleen maar dat je op de goede weg bent? Dat zijn immers reacties op wat je doet, niet op wie je bent.

Wat een stilstaand paard al niet teweeg kan brengen.

Tip: schrijf op hoe je in het dagelijks leven omgaat met de grenzen die je stelt. Wat was de grens? Wat gebeurde er in je toen je daaraan vast hield? Hoe reageerden anderen? En wat deed die reactie met jou?

Dit alles vormt dan weer de basis om de kleine grenzen uit te breiden naar grote, relevante, grenzen die je bewaakt. Eerst met verhoogde dijkbewaking, bewust. Later vanzelf, onbewust.

Doordat je hebt geëxperimenteerd met de effecten zul je ervaren dat deze stap al een stuk makkelijker en overzichtelijker voor je is.

Systeemdynamiek en leiderschap

Wat is de invloed van systeemdynamiek op je authentieke leiderschapsstijl?

Authentiek leiderschap is hot en wordt veel gezien als belangrijk ’middel’ ter voorkoming van een burn-out. Ook wordt authenticiteit vaak gezien als ‘techniek’ om mensen mee te krijgen in je rol als leidinggevende. Dat lijkt eenvoudig: wat is er nou makkelijker dan gewoon helemaal jezelf zijn. Maar kun je dat ook? En wie is dat dan: jezelf?

Wat heb jij nodig om jezelf (en daarmee je authenticiteit) te vinden of hervinden?

De nadruk bij persoonlijke ontwikkeling van een leidinggevende ligt vaak op kennis en vaardigheden. Logisch, want er wordt van je verwacht dat je voldoende inhoudelijke kennis hebt om je rol goed uit te kunnen oefenen en beslissingen te kunnen nemen. Ook moet je de juiste vaardigheden hebben (je ‘skill-set’) om optimaal te kunnen presteren. Maar naast kennis en vaardigheden is er ook nog je houding en je gedrag. Deze zijn mede bepalend voor de mate waarin anderen je rol als leidinggevende zullen aanvaarden en daar ook naar handelen.

Onbewust ben je vaak geneigd om, als overlevingsstrategie, je houding en je gedrag aan te passen aan ‘de wereld om je heen’ (sociaal wenselijk gedrag), bijvoorbeeld omdat je het gevoel hebt dat je niet wordt geaccepteerd in je functie als leider. Dat lijkt (als trucje) wel te werken, maar daarmee loop je wel het risico dat je je authenticiteit langzaamaan loslaat en niet meer in verbinding bent met jezelf.

Als leider of leidinggevende moet je gewoon jezelf zijn

Eigenlijk kun je je ‘zijn’ onderverdelen in drie lagen:

  • Je bovenstroom: je kennis, vaardigheden, gedrag en houding: datgene wat waarneembaar is. Deze Bovenstroom is stevig verankerd op een veel grotere fundering: je Onderstroom;
  • Je onderstroom: hierin zitten elementen als je interesses, de manier waarop je iets waarneemt en interpreteert en bepaalde overtuigingen die je hebt. De Onderstroom is niet zichtbaar voor anderen (en eigenlijk ook niet echt voor jezelf), naar bepalen wel in grote mate hoe de zichtbare Bovenstroom zich ontwikkelt;
  • Je onderbewuste: het fundament van deze Onderstroom is je Onderbewuste (eigenlijk onderdeel van de Onderstroom). Daar zitten elementen in waarvan je jezelf niet bewust bent, waar je vaak niet actief mee bezig bent en die je alleen kunt veranderen door je er eerst bewust van te worden.

In dat Onderbewuste zit stevig verankerd wat je hebt meegemaakt: je ervaringen, wat je voelt en wat je denkt. Maar ook wat je systemisch hebt meegekregen vanuit verschillende systemen om je heen (denk aan je familiesysteem, je gezinssysteem en je werksysteem).

Je Onderbewuste kun je onderverdelen in een aantal onderwerpen:

  • Je overheersende normen en waarden
  • Overlevingsstrategieën die je in de loop van je leven onbewust hebt ontwikkeld
  • Ontwikkelde patronen die je onbewust in je Bovenstroom in stand houdt
  • Energetische overervingen uit (familie)systemen
  • Emoties
  • Gevoelens
  • Je ‘mindset’

Eigenlijk vormen deze elementen je sociale systeem: ze zijn afhankelijk van elkaar en ze beïnvloeden elkaar. Maar, net zoals ieder systeem, is ook je sociale systeem continu op zoek naar evenwicht. Naar balans. Zodra er een verstoring ontstaat in één van de onderdelen komt het hele systeem in beweging. Dit wordt ook wel de systeemdynamiek genoemd. Dat gaat vanzelf en is eigenlijk een logisch en natuurlijk proces.

Dergelijke dynamieken kunnen functioneel zijn, maar zijn vaak ook disfunctioneel (blokkerend, remmend). Maar ze zijn altijd onbewust van invloed op je houding en je gedrag. Wanneer je dus op zoek bent naar verandering in je houding en gedrag dan dragen veranderingen in je Onderbewuste Onderstroom daaraan bij. Maar hoe kun je daaraan werken als dergelijke kenmerken in je onderbewuste zitten?

Juist.

Door je er bewust van te worden en door vanuit die bewustwording te werken aan verandering.

Als leidinggevende ben je onderdeel van je ‘werksysteem’. Vanwege je positie, leidinggevende, in dat systeem heb je daar invloed op, maar het systeem heeft ook invloed op jou. Dat geldt ook voor anderen in je team: ook zij hebben invloed op het werksysteem en daarmee, onbewust, ook op jou. Door deze dynamiek binnen het werksysteem kan er op bepaalde punten frictie ontstaan wanneer tussen de wetmatigheden in het werksysteem, je familiesysteem en andere in je onderbewuste verankerde aspecten het gaat schuren.

Wat zijn de systemische wetmatigheden?

In ieder systeem zijn er vijf wetmatigheden. Allen zijn even belangrijk en allen moeten ze worden gerespecteerd. Wanneer één of meer van deze wetmatigheden niet worden erkend zal er disbalans ontstaan.

  • Balans in geven en nemen: een werksysteem streeft naar balans in geven en nemen, de onderlinge uitwisseling daarvan zorgt voor dynamiek. Wanneer het evenwicht in stand wordt gehouden blijft de energie in het werksysteem stromen, wordt er alleen maar genomen (zonder te geven) dan verliezen anderen in het systeem het verlangen om meer te geven;
  • Alles en iedereen heeft recht op een plek: wat er ook gebeurt in een systeem: alles en iedereen blijft erbij horen. De gebeurtenis van bijvoorbeeld een reorganisatie of een ontslagen werknemer verdwijnt niet na afronding, dus ook de impact van zo’n situatie verdient een plaats.
    Als mensen helderheid hebben over hun plek komen ze makkelijker in actie. Problemen ontstaan bijvoorbeeld als mensen op een plek gaan staan die is toebedeeld aan iemand anders (bijvoorbeeld op de plek van hun eigen leidinggevende);
  • Rangorde: in een werksysteem heerst een rangorde die wordt bepaald door factoren als leeftijd, functie, ervaring of opleidingsniveau. Als de rangorde helder is geeft dat rust. Zodra de rangorde verstoord wordt, ontstaat er onrust in het systeem. Alle mensen in het werksysteem moeten hun plek vanuit hun eigen positie invullen overeenkomstig de systemische volgorde. Van een leidinggevende wordt verwacht dat deze ook daadwerkelijk leiding geeft;
  • Loyaliteit: als we loyaal zijn aan ons werksysteem blijft het functioneren. Om een werksysteem in stand te houden doen we soms offers aan datzelfde systeem ten koste van onszelf of een ander. Denk maar aan een medewerker die de taak van een falende collega overneemt om geen gaten te laten vallen;
  • Niets verdwijnt: de energie van gebeurtenissen of personen die tot het systeem behoorden blijft veel langer aanwezig dan we denken. Dit blijft aanwezig in een systeem totdat een verandering naar iets positiefs wordt ingezet uitgaande van de negativiteit van de gebeurtenis.

Deze systemische wetten moeten worden gerespecteerd. Als dat niet gebeurt dan raakt de balans in het systeem verstoord en zal er een individu opstaan om om deze balans te herstellen. Vaak zijn het de lageren in ordening die hierin handelen, uit loyaliteit jegens de organisatie.

Deze systeemdynamiek in een team zal er dus altijd zijn, dus ook deze wetten zullen moeten worden gerespecteerd. Voor een leidinggevende is het belangrijk om te realiseren hoe het systeem ‘om je heen’ functioneert. Vanuit het team is er een wetmatige behoefte dat je (vanuit de behoefte aan Ordening) je rol als leider neemt en invult met alles wat je hebt. Maar dat moet niet alleen zo zijn vanuit een methodische, technische invulling: teamleden moeten voelen dat je een ‘oerleider’ bent die voor hen opstaat. Vanuit deze wetmatigheid kan dat zorgen voor binding: jouw sterke en authentieke invulling als leider zorgt voor duidelijk inzicht in waar ieders plek is.

Een belangrijk aspect in het systemisch perspectief is het collectief geweten:  de gedragsregels, normen en waarden die typerend zijn voor het werksysteem. Dit beperkt zich echter niet alleen tot het heden, maar ook alle gebeurtenissen uit het verleden worden meegedragen. Ofwel als gebeurtenis, ofwel als positieve verandering als gevolg van de gebeurtenis.

Coaching

Personal coaching kan een krachtige, liefdevolle en waardevolle bijdrage leveren bij het uitdiepen van de onderbewuste elementen en te onderzoeken welke onbewuste overlevingsstrategieën je in de loop van je leven hebt opgebouwd. Je word je daarbij langzaam aan bewust van je authenticiteit.

Neem bijvoorbeeld bepaalde disfunctionele, blokkerende, patronen in je gedrag en handelen die je in de loop van de jaren hebt opgebouwd. Doordat ze onbewust zijn worden ze niet door jezelf waargenomen en zullen ze onbewust (en vaak onaangeraakt) blijven. Wat zou er gebeuren als je deze patronen kunt waarnemen, kunt ervaren. Opeens zijn ze dan niet meer onbewust maar word je je er bewust van en dat biedt ruimte voor reflectie en verandering.

Paarden: direct naar de kern

Om te komen tot de diepste onderbewuste lagen kunnen paarden ingezet worden als krachtige co-coach. Paarden reageren op wie je bent en niet op wat je zegt of hoe je doet. Hierdoor word je geconfronteerd met je werkelijke, authentieke, persoonlijkheid. Wanneer er tegenstellingen zijn tussen verbale en non-verbale communicatie zal het paard daarop reageren, zodat je bewust wordt van je eigen kwaliteiten en mogelijkheden, maar ook van je valkuilen, grenzen en onmogelijkheden.

Instinctief is samenwerking bij paarden van levensbelang. Balans en structuur in hun kudde-systeem is van vitaal belang en het leidende paard gebruikt hierbij met name lichaamstaal en non-verbale communicatie, waardoor paarden uitstekend ingezet kunnen worden om leiderschapskwaliteiten te ontwikkelen.

Paarden confronteren je met je lichaamstaal en houding waardoor je kunt experimenteren met je gedrag en handelen. Ze reageren op de allerkleinste veranderingen die voor ons vaak niet waarneembaar zijn, nog voordat je je er zelf bewust van bent. Ze zijn oordeelloos en reageren instinctief op wat er op dat moment is.

Tijdens een coach sessie met paarden wordt gewerkt op drie verschillende lagen:

  • Gedragsmatig: het paard geeft direct feedback op je gedrag en handelen, je kunt experimenteren met nieuw, ander, gedrag. De reactie van het paard zal daarbij mee veranderen. De gedragsmatige laag wordt bereikt door het uitvoeren van een, vaak eenvoudige, oefening samen met het paard.
  • Intra-psychisch: het paard zoekt veiligheid en wil dus dat zijn omgeving voorspelbaar is. Iemand die niet in contact staat met zijn daadwerkelijke emoties (incongruentie) is voor een paard onveilig. Een paard zal dan ook reageren op emoties die je zelf (nog) niet (h)erkent. Deze laag wordt bereikt door het contact dat je hebt met het paard tijdens het uitvoeren van de oefening.
  • Systemisch: het paard geeft feedback over de systeemdynamieken die spelen. Hierdoor krijg je beter inzicht in deze dynamieken en de (dis)balans daarin en er wordt (deels onbewust) een innerlijke beweging in gang gezet die lang nawerkt. Door metaforische aspecten mee te nemen in de oefening wordt geprobeerd diepere lagen te bereiken.

Hierdoor krijg je, zeer effectief, inzicht in zaken die spelen in je onderbewuste onderstroom (en het verband tussen bepaalde gevoelens en emoties), zodat je van daar uit inzicht krijgt in de invloed daarvan op de bovenstroom.

Als leidinggevende heb je een bijzondere plek in het werksysteem waar je lid van bent. Door je bewust te worden van het effect van de systemische wetmatigheden, ze in acht te nemen en te duiden, zal dat een verandering teweeg brengen in je houding en gedrag: je zichtbare bovenstroom dus. Anderen ervaren daardoor je echtheid en de systeemdynamiek zorgt ervoor dat de rangorde (met jou als leidende paard van je kudde) zich als natuurlijk vormt en handhaaft.

Nee!

Wij (mensen) communiceren met elkaar als we een boodschap willen overbrengen, iets duidelijk willen maken of wanneer we iets van de ander verwachten. Vaak zijn we ons bewust van de woorden die we daarbij gebruiken, maar minder (of helemaal niet) bewust van de onderliggende lagen in deze communicatie. En dat terwijl die lagen nou juist zo belangrijk zijn.

Misschien herken je wel de miscommunicatie die kan ontstaan door een e-mail, sms- of whatsapp bericht.

Hoe komt dat dan?

In de manier waarop wij, mensen, communiceren zitten eigenlijk drie lagen:

  1. de inhoudelijke laag: dit is wat je wil zeggen, woordelijk. Het onderwerp.
  2. de emotionele laag: dit is de manier waarop je, non-verbaal, iets zegt en is indirect ook een uiting van hoe je je voelt tijdens communicatie
  3. de intentie-laag: wat wil je bereiken met de communicatie, je bedoeling. Deze staat ook in relatie tot de context van de communicatie.

Met andere woorden: het gaat er niet alleen om WAT je zegt, maar ook HOE je dat zegt en met welke ENERGIE. Zijn alle drie de lagen in een e-mail, sms of whattsappje aanwezig? En pas je de inhoudelijke laag daarop aan?

Voilà.

Dat komt vaak doordat de eerste laag wel aanwezig is, maar de tweede en derde is al een stuk moeilijker. Je moet de disbalans tussen die lagen die daardoor ontstaat in woorden uitdrukken, als je dat niet doet komt de boodschap anders over dan dat jij hem had bedoelt.

Ervaringsgericht leren

Wellicht ben je je niet bewust van deze drie lagen, maar herken je wel het effect daarvan. ‘Mensen begrijpen mij vaak niet‘ of ‘Nou, ze reageerden gisteren toch zo vreemd op mijn opmerking‘. Door daar bewuster van te worden kan je dat helpen om effectiever te communiceren of te voorkomen dat mensen je niet of niet goed begrijpen.

En wat werkt er dan beter dan je in de situatie te brengen waar de disbalans tussen deze drie lagen het uitgangspunt in plaats van de verborgen stoorzender is? Je zult dan op zoek moeten naar wat wel werkt om deze disbalans op te heffen.

Dus?

Juist. We zetten je in een ruimte met een paard met een eenvoudige vraag: breng het paard in beweging en krijg controle over die beweging. Met een paar beperkingen:

  • je mag het paard niet aanraken
  • de afstand tussen jou en het paard is een paar meter

Hoe ga je dan aan het paard vragen om voor jou in beweging te komen? Wat begrijpt het paard? En wat begrijp jij van wat het paard jou probeert te vertellen?

Wat heb je nodig?

Daar sta je dan: je kent de verbale taal van het paard niet. Het paard begrijpt jou ook niet, en niemand die je helpt. Je zult dus ‘communicatie’ moeten herontdekken.

De sleutel zit hem in de drie genoemde lagen en de noodzakelijke balans tussen die drie.

En zelfs als je de juiste ‘woorden’ hebt gevonden om met het paard te communiceren, maar niet in de juiste balans met de andere lagen, zal het paard (vanuit jouw perspectief) onvoorspelbaar reageren en is er geen sprake van echte controle. Er is sprake van miscommunicatie en het paard doet wat anders dan wat jij denkt gevraagd te hebben.

Maar komt dat voort uit onwil bij het paard? Of ergens anders door?

De oefening kan je enorm helpen om inzicht te krijgen in de opbouw van communicatie en het overbrengen van een, soms simpele, boodschap. En dat inzicht leidt tot bewustwording, wat weer kan leiden tot verandering of verbetering.

Ben ik wel helder in mijn communiceren? Komt mijn boodschap over? En waar komt dat door en wil ik daar verandering in?

Simpele vraag: waarom kunnen wij, mensen, Ja vaak met één woord af en willen we Nee uitgebreid toelichten? En wat doet die toelichting met de kern van de boodschap: NEE.

Immers: nee is ook een zin.

Ervaar je grenzen

Een veel voorkomende opmerking die ik hoor in coachtrajecten is:

Ik vind het lastig om vast te houden aan mijn grenzen, vaak heb ik er achteraf spijt van dat ik heb toegegeven.

Of:

Voor mij is het vaak erg onduidelijk wat of waar mijn grenzen zijn. Pas als iemand over die grens heen gaat wordt mij het duidelijk, maar dan is het al te laat.

Maar grenzen stellen is toch gewoon een kwestie van duidelijk zijn op het moment dat er iets gebeurt dat je eigenlijk niet wil.

Toch?

Voor veel mensen is dat makkelijker gezegd dan gedaan: duidelijke en overzichtelijke grenzen stellen en daar aan vast houden op de momenten dat dat voor jou belangrijk is. Vindt de ander je dan nog wel aardig? Wat verandert er aan de houding van de ander ten opzichte van jou als je vasthoudt aan wat jij belangrijk vindt? Bewaken van je grenzen houdt niet in dat je altijd maar moet vasthouden aan wat jij belangrijk vindt. Het houdt ook in dat je die grenzen moet kunnen loslaten op de momenten dat het voor jou wat op kan leveren. Als het jou uitkomt dus.

Maar is dat niet egoïstisch?

Als dat is wat in je opkomt dan zou je je af moeten vragen wat de relevantie is van die vraag. Het gaat toch immers om jouw grens, jouw ruimte? En waarom mag je daar niet egoïstisch bij zijn? Of bedoel je eigenlijk egocentrisch? En mag dat er zijn?

Ervaringsgericht leren met een paard: bewaak je grens

Stel dat je wordt gevraagd om in de ruimte (de rijbak) jouw grens neer te leggen met een stuk touw, in een cirkel. De grens die je legt kan van alles representeren: hoe de omgang is met je collega’s, je relatie of algemeen. Door de grens nu echt neer te leggen in bijvoorbeeld een grote cirkel, en in die cirkel te gaan staan ervaar je, voel je deze grens.

Opeens wordt er een paard in de rijbak gezet die, geïnteresseerd in jou, richting jou en je grens loopt. Hoe voelt dat? Wat gebeurt er met de energie in jou? En wat doet je ademhaling? De vervolgvraag is eenvoudig: hou het paard buiten je grens, maar raak hem niet fysiek aan.

En dan nu: De Verleiding.

Het paard wordt verleid om over je grens te gaan door te rammelen met voerbrokjes. En jij, als bewaker van jouw grens, moet ervoor zorgen dat het paard niet over die grens gaat, met alleen jouw lichaam en jouw energie en intentie.

Hoeveel energie zet je in? Voel je angst of onzekerheid? En hoe voel je je als het paard er inderdaad voor kiest om niet over je grens te gaan? Ervaar je de overwinning? Het succes? En ben je dan nu in staat om je energie te verlagen zodat het paard vlakbij je grens blijft, maar er niet overheen gaat? Heb je controle over het paard?

Vervolgens word je gevraagd om uit de cirkel te gaan en rond te lopen in de bak. Wat doet het paard? Grote kans dat het paard naar je toe komt om bij je te gaan staan. Wijst het paard je nu af? Vindt hij je aardig?

En hoe voelt het dat het paard nu dicht bij je staat, over je denkbeeldige grens heen?

Waarschijnlijk anders dan toen je druk bezig was met je grens te bewaken omdat je nu je grens, uit eigen controle, hebt losgelaten.

Bewaken van je grenzen is dus Vasthouden en Loslaten.

Gewaarzijn

Waarnemen, gewaarzijn, gaat om wat er IS.

Zonder verder oordeel over die waarneming.

Totaal onverschillig en zonder er over na te denken. Bij Gewaarzijn observeer je wat er is en niet wat je ervan vindt. Eigenlijk zorg je daarmee dat het onbewuste wat meer in je bewustzijn komt. Probeer voor jezelf maar eens stil te staan bij wat er allemaal om je heen gebeurt waar je je op dat moment niet bewust van bent. Door juist daar bij stil te staan en alleen maar te observeren en gade te slaan en het verder daarbij te laten zonder verdere be- of veroordeling, ben je in staat om je gedachten naar de achtergrond te schuiven.

Niet denken, maar ervaren. Alles mag er zijn.

Getuige worden van je omgeving, van de wereld waarin je leeft. Zien, ervaren, voelen en ruiken wat er is om je heen, als buitenstaander. Wanneer je dan toch gaat oordelen of er verder over na gaat denken, dan ben je niet meer aan het observeren of bezig met je gevoel en met ervaren.

Dan ben je bezig in je ratio.

En juist daar ontstaan interpretaties, onzekerheden, negatieve gedachten en een vaak continue stroom aan prikkels en gedachten over dingen die je allemaal nog moet doen. Immers: waar oordeel je over goed en kwaad? Over mooi en lelijk en over sociaal wenselijk en onwenselijk? Waar ontstaat status? En een negatief zelfbeeld? Wat bepaalt dat je nog van alles moet doen? Of wat je anders had moeten doen?

Juist… in je ratio.

Hoe fijn zou het dus zijn als je soms, heel bewust, even niet in je ratio bent? Want hoe meer je bezig bent in je ratio, hoe minder je bezig bent met het onbewuste. Je denken onderdrukt dat. Fijntjes en heel subtiel.

Maar je ratio heb je wel nodig. Het maakt nou eenmaal voor een deel wat je bent. Het gaat dus om het zoeken van een juiste balans tussen Ratio en Gevoel.

Paarden leven veel meer in het hier en nu dan ons, mensen. Paarden zijn niet bezig met de dag van morgen, veroordeling, goed of kwaad, mooi of lelijk. Ze zijn met name bezig met hun insticten, het onbewuste dus. In die zin kunnen paarden ons dus veel leren over hoe dat moet… gewaarzijn en waarnemen.

IMG_0074aGa zitten, ontspan, sluit je ogen en probeer te ervaren. Kun je de paarden voelen of horen? Bewegen ze? Zijn ze bij je in de buurt of gaan ze van je weg?

Wat doen de paarden onderling? Hoe ruiken ze? Neem je veranderingen waar?

En wat ervaar je nog meer? Voel je de wind? Hoor je vogels? Hoe voelt het bij jou als je voelt dat het paard bij je in de buurt is?

Verandert er dan iets bij je? En neem je daardoor een verandering waar bij het paard?

En wat dacht je nu?

Het Doel en De Weg ernaar toe.

Wat is belangrijker in je zelfontwikkeling? Het halen van een doel of de weg die je aflegt naar dat doel?

Tijdens een coachsessie gisteren vraag ik een echtpaar om met vier balken een plaats in de ruimte te markeren en aan die plaats een gezamenlijke doelstelling te koppelen. Hun Doel wordt: elkaar beter begrijpen en beter samenwerken.

Vervolgens vraag ik het echtpaar om in overleg een paard uit te kiezen en dit paard naar Het Doel te brengen. Zonder touw, het paard mag niet aangeraakt worden. Het komt dus aan op samen doen.

Het paard, Lizzy, staat voor het echtpaar voor ‘Onze Hulp’: Lizzy helpt hun bij het bereiken van hun gezamenlijke Doel.

Na een uur intensief samenwerken, bespreken, experimenteren en standpunten uitwisselen staat het paard nog steeds niet bij Het Doel. Het echtpaar besluit te stoppen en ze eindigen samen de activiteit.

Is hun doel bereikt?

Meer informatie?

Laat je gegevens achter.

Gegevens

  • De Kouwenberg 2, Tilburg
  • 084 - 872 86 46
  • info@equinity.nl
  • NL 25 KNAB 0254881505
  • BTW: NL855699164B01
  • KvK: 64513920

Aangesloten bij

  • KREAC
  • NOBCO
  • EAGALA
  • EMCC
© 2017 Equinity BV | Alle rechten voorbehouden.